Geschiedenis

Wanneer Benthuizen is ontstaan berust op onwaarschijnlijkheden. Ollefen en Bakker nemen in hun stads- en dorpsbeschrijving van 1799 aan dat Benthuizen gelijk met de omringende gemeenten is ontstaan in de Romeinse tijd. De mogelijkheid dat het dorp is ontstaan in de tiende- en elfde eeuw is groter.
De geschreven geschiedenis begint in 1281. Dirk van Teylingen krijgt dan van graaf Floris V van Holland een gebied in leen met een aantal ambachten, waaronder “Benthusen”.
West Nederland bestond toen voor een groot deel uit veengronden die zo hoog lagen dat het water langs natuurlijke weg kon afvloeien via kleine watertjes naar de grote rivieren. Het was een woest en moerassig gebied begroeid met struiken en boompjes en een soort ruig gras dat bentgras werd genoemd. De naam Benthuizen kan daarvan afgeleid zijn.
Het ambacht van Benthuizen kwam in 1330 in het bezit van Jan van Beaumont en via erfrecht verviel het steeds in handen van andere ambachtsheren. Enkele straten in het huidige dorp zijn genoemd naar die ambachtsheren; onder andere Croesinck. De stad Rotterdam werd in 1692 eigenaar.

Terug naar de leenman in de dertiende eeuw. Die kreeg van de leenheer, de graaf van Holland, de opdracht het gebied te ontginnen. De arbeiders die dit werk uitvoerden, mochten daarna (op voordelige voorwaarden) een boerderij beginnen. Zij hielden wat vee en verbouwden wat graan en ontdekten, dat de grond uitstekende brandstof opleverde. De turf die gewonnen werd was aanvankelijk bestemd voor eigen gebruik, maar na verloop van tijd kwam er belangstelling uit de steden en van de industrie langs de rivieren. De opbrengst uit de boerderijen werd minder en de tufwinning nam toe, vooral het slagturven. Dat had tot gevolg dat Benthuizen en de hele omgeving veranderde in een grote waterplas en ook de turf raakte op. Het gevolg was armoede en ontvolking.
In navolging van andere streken in het land, besloten de ambachtsbesturen in 1759 de veenplassen droog te leggen, waardoor vruchtbare landbouwgrond werd gewonnen. Boerderijen werden gebouwd en de inwoners van Benthuizen kregen meer welvaart.
De aanpalende gemeenten Hoogeveen en Benthorn ondergingen hetzelfde lot van ontginning, vervening, ontvolking en wederopbouw door de drooglegging. Ook daar werden boerderijen gebouwd.

Van oudsher waren deze drie gemeenten al samengevoegd tot één kerkelijke gemeente Benthuizen.
Onder het Keizerrijk Frankrijk werden Benthuizen, Hoogeveen, Benthorn en Hazerswoude samengevoegd tot één municipaliteit, maar in 1817 werd de oude situatie van zelfstandige gemeenten weer hersteld.
In de loop van de negentiende eeuw echter, werden Hoogeveen en Benthorn toegevoegd aan Benthuizen en ontstond de nieuwe gemeente Benthuizen.
Benthuizen is lang een sterk agrarische gemeente gebleven, met in het dorp veel ambachtelijke bedrijven.
De grote veranderingen kwamen in de tweede helft van de twintigste eeuw, vooral door de mechanisatie in de agrarische sector. Bovendien werd het dorp uitgebreid met nieuwe woningen, waarin veel gezinnen ‘van buiten’ zich vestigden, die andere beroepen uitoefenden in de naburige steden. Ook Benthuizenaren zochten hun werk elders.
In 1991 kwam de meest ingrijpende verandering: Benthuizen ging behoren tot de gemeente Rijneveld, vanaf 1993 genaamd gemeente Rijnwoude, bestaande uit de kernen Benthuizen, Hazerswoude-Dorp, Hazerswoude-Rijndijk en Koudekerk aan den Rijn.

In het dorp is nog veel te zien en op te merken uit de historie, maar de veranderingen gaan snel. Ten oosten van het dorp ligt de HSL-Zuidlijn en in het poldergebied van Hoogeveen, Benthorn en een deel van de Zuidpolder achter het dorp, wordt het Bentwoud aangelegd.

Meer over bovenstaande samenvatting van de geschiedenis van Benthuizen is te lezen in:
-“Benthuizen 1281-1940” door dr. C.M. Schulten, uitgave Historische Kring Benthuizen
Kadastrale Atlas Zuid-Holland 1832 Benthuizen, Benthorn en Hoogeveen in Rijnland
samengesteld door B. van der Graaf en A. Schellingerhout, uitgave Stichting Kadastrale Atlas Zuid-Holland, Stichting Rijnlandse Historiën (en Historische Kring Benthuizen)
Kernachtig Rijnstreek, Schetsen uit de geschiedenis van de Rijnstreek (artikel Benthuizen door A. Schellingerhout), uitgave Provinciaal Erfgoedhuis-ZH Historisch Centrum
-en andere uitgaven van plaatselijke organisaties.